Bericht van de directieVolop in bewegingDe Nederlandse economie, de verbruikers en producenten profiteren van de internationalisering van het elektriciteitsnet. Die zorgt voor een sterkere markt en meer leveringszekerheid. In mei 2008 werd de NorNed-kabel tussen Nederland en Noorwegen in gebruik genomen, een initiatief van TenneT en het Noorse Stattnet. Deze onderzeese elektriciteitskabel, de langste ter wereld, had in 2008 al een omzet van EUR 110 miljoen. Daarmee is het rendement op deze investering tot nu toe hoger dan ingeschat en lijkt de investering snel te worden terugverdiend. De leveringszekerheid is voor zowel Noorwegen als Nederland toegenomen en de prijzen op de spotmarkten lijken stabieler en vertonen minder scherpe pieken. Met name bij sterk fluctuerende energieprijzen zoals in het afgelopen half jaar, heeft de kabel een dempende werking. Daarnaast heeft NorNed positief bijgedragen aan de terugdringing van de CO2-uitstoot. Gedurende meer dan 80 procent van de tijd werd elektriciteit opgewekt uit waterkracht geïmporteerd uit Noorwegen.
De komende jaren zal de Europese stroommarkt verder integreren. Marktintegratie zorgt voor efficiënte handel. Daarom heeft TenneT ingezet op marktkoppeling met Frankrijk en België, als eerste stap. In 2006 ging deze Trilateral Market Coupling (TLC) van start, waarbij de energiebeurzen APX, Belpex en Powernext en de landelijke netbeheerders Elia (België), RTE (Frankrijk) en TenneT gingen samenwerken. Door deze koppeling wordt de internationale spothandel verbeterd. Dat verhoogt de veerkracht van elke afzonderlijke markt, waardoor lokale prijsschommelingen op de korte termijn kunnen worden opgevangen en verkleind. Dankzij deze inspanningen waren in 2008 de prijzen voor elektriciteit in Nederland, België en Frankrijk gedurende 70 procent van de tijd gelijk. Ook het verschil in elektriciteitsprijzen tussen Nederland en Duitsland is drastisch afgenomen. Inmiddels zijn in lijn met de Europese doelstellingen nadere stappen gezet voor verdere integratie van de elektriciteitsmarkt in deze regio, de zogenoemde Central Western European (CWE) Electricity Market. Eind 2008 begon de gemeenschappelijke veiling van jaar- en maandcapaciteit op de grenzen tussen Frankrijk, België, Nederland en Duitsland door CASC-CWE (Capacity Allocation Service Company), een gezamenlijke onderneming van de betrokken TSO's. Ook wordt gewerkt aan sterkere koppeling met de Scandinavische markt.
Ondertussen ontwikkelt Nederland zich van een importeur van elektriciteit naar een exporteur. In welk tempo dat gebeurt hangt af van de snelheid waarmee aangekondigde plannen voor nieuwe centrales aan de Nederlandse kust worden uitgevoerd. Nederland is voor producenten een gunstige vestigingslocatie voor opwekking van elektriciteit voor de Europese markt. Dat heeft te maken met de goede aanvoermogelijkheden van brandstoffen, de aanwezigheid van koelwater en de kwaliteit van het transportnet. Ook decentrale opwekcapaciteit is aanzienlijk gegroeid en heeft het potentieel dit ook de komende jaren te doen. De komst van nieuwe productie-eenheden draagt bij aan de verdere leveringszekerheid en de ontwikkeling van de Nederlandse economie. TenneT sluit deze producenten de komende jaren aan op het landelijke net. Uit de meest recente Monitor Leveringszekerheid blijkt dat Nederland in 2009 een exportfunctie kan krijgen, mede door de forse toename van productie in ons land. In 2008 blijkt Nederland al op een aantal momenten op piekuren die exportfunctie te vervullen. Dit toont aan dat de Noordwest-Europese markt zich steeds verder ontwikkelt.
De overheid koerst verder aan op verduurzaming, onder meer door de aanleg van windparken op de Noordzee. Het kabinet beoogt de capaciteit van wind op zee tot 2020 uit te breiden naar 6.000 megawatt (MW). TenneT wil deze offshore windparken efficiënt verbinden met het transportnet. Dat is ook de wens van de Tweede Kamer zoals die in 2008 is vastgelegd in een motie. Die breed gesteunde motie wordt in 2009 in wet- en regelgeving vastgelegd.
Om de marktwerking te bevorderen blijft TenneT investeren in verbindingen met het buitenland wanneer er sprake is van een positieve uitkomst van een maatschappelijke kosten-batenanalyse. In 2009 verwachten we de uitkomsten van haalbaarheidsstudies naar een onderzeese elektriciteitskabel naar Denemarken - een land met een grote capaciteit aan windenergie - en een tweede NorNed-verbinding. Verder zullen we de samenwerking met Duitse TSO's verder intensiveren. Niet alleen is de enorme Duitse elektriciteitsmarkt traditioneel belangrijk voor Nederland, ook gaan Duitse energiebedrijven na jaren van discussie met de Europese Commissie hun netwerkdivisies afsplitsen. Onafhankelijk netbeheer achten wij van groot belang voor marktintegratie. Dat heeft de Nederlandse situatie bewezen.
Deze ontwikkeling in Duitsland biedt ook perspectief voor verdere samenwerking met Duitse TSO's waarmee zowel in Nederland als in Duitsland net en markt versterkt kunnen worden. TenneT onderzoekt samen met RWE Transportnetz Strom de uitwerking van een vierde verbinding met de Duitse markt, een hoogspanningsverbinding tussen Doetinchem en Wesel. E.ON-Netz verbetert de verbinding tussen Meeden en het Duitse net in Diele. Samenwerking is er ook op gebied van veiligheid en monitoring: in 2008 richtten TenneT en RWE Transportnetz Strom een veiligheidscentrum op. Doel is door gezamenlijke veiligheidsberekeningen de risico's op overbelasting van het net te beperken aan weerszijden van de grens. Dit is het begin van samenwerking op meer terreinen met Duitse TSO's. Ook hebben 12 TSO's in 2008 afgesproken om een gezamenlijk IT-platform in te richten, waarin netveiligheid een centrale rol speelt. Bovendien werd in 2008 een intraday-platform operationeel met als doel dagelijks de nog beschikbare restcapaciteit op de interconnectoren te gebruiken voor handel tussen Nederland en Duitsland.
|